Geschiedenis van Hondón de los Frailes

Dorp met diepe wortels

Historische dorpsstraat in Hondón de los Frailes in het binnenland van AlicanteHondón de los Frailes lijkt op het eerste gezicht een klein en eenvoudig dorp, maar achter de lichte gevels, rustige straten en wijngaarden gaat een lange geschiedenis schuil. Het dorp ligt in een brede vallei tussen de Sierra de los Frailes en de berggebieden van Crevillent en Albatera. Die beschutte ligging maakte de omgeving al vroeg aantrekkelijk voor mensen die leefden van landbouw, veeteelt en routes tussen het binnenland, de Vinalopó-vallei en het zuidoosten van het Iberisch Schiereiland.

De geschiedenis van Hondón de los Frailes is niet opgebouwd rond een groot kasteel, een koninklijk paleis of een monumentale oude stad. Zij is vooral terug te vinden in het landschap: in oude landbouwterrassen, stenen muren, paden, archeologische vindplaatsen, de kerk, de kapellen en de wijngaarden die de vallei nog altijd vormgeven.

Het huidige dorp ontstond pas aan het einde van de zeventiende eeuw als herkenbare nederzetting. De omgeving werd echter al veel eerder gebruikt. Romeinse resten, middeleeuwse vindplaatsen en oude routes laten zien dat de vallei door verschillende bevolkingsgroepen werd bezocht en bewoond voordat boeren rond de kerk de basis legden voor het moderne Hondón de los Frailes.

Ook de dorpsnaam vertelt een belangrijk deel van het verhaal. Het woord frailes betekent kloosterbroeders of monniken en verwijst naar de dominicanen van Orihuela, die via het historische heerlijkheidsgebied van Redován zeggenschap over de gronden kregen. Daarmee zijn religie, grondbezit en landbouw vanaf het ontstaan met elkaar verweven.

Archeologie onder het landschap

De vallei waarin Hondón de los Frailes ligt, maakte deel uit van een belangrijk doorgangsgebied tussen de kustvlakte, de riviergebieden van de Vinalopó en Segura en het hoger gelegen binnenland. Reizigers, landbouwers, herders en handelaars gebruikten natuurlijke routes door het landschap lang voordat er moderne wegen bestonden.

Archeologisch onderzoek in de valleien rond Aspe, Hondón de las Nieves en Hondón de los Frailes heeft vindplaatsen uit verschillende perioden aan het licht gebracht. Onderzoekers troffen sporen aan uit de prehistorie, de Iberische tijd, de Romeinse periode en de middeleeuwen. Niet al die vindplaatsen liggen in de huidige bebouwde kom, maar samen tonen zij aan dat het gebied gedurende een zeer lange periode door mensen werd gebruikt.

In het gemeentelijke erfgoedoverzicht van Hondón de los Frailes worden onder meer Casa del Moro en Senda del Moro als archeologische vindplaatsen genoemd. Zulke namen zijn vaak eeuwen jonger dan de resten zelf en hoeven niet letterlijk te betekenen dat er op die plek uitsluitend islamitische bewoners leefden.

De Spaanse aanduiding yacimiento arqueológico betekent archeologische vindplaats. Het kan gaan om resten van gebouwen, aardewerk, gebruiksvoorwerpen, graven, landbouwinstallaties of andere sporen die in of onder de bodem zijn bewaard.

Veel archeologische resten in een landbouwgebied zijn aan de oppervlakte nauwelijks zichtbaar. Eeuwen van ploegen, erosie, nieuwe bebouwing en het hergebruik van stenen hebben het landschap veranderd. Een veld of lage heuvel die voor een wandelaar gewoon lijkt, kan voor archeologen toch waardevolle informatie bevatten.

Romeinse sporen blijven raadselachtig

Landbouwlandschap met archeologische sporen rond Hondón de los FrailesDe geschiedenis van Hondón de los Frailes wordt regelmatig verbonden met de Romeinse nederzetting Inlumbam. Die koppeling komt in oudere en plaatselijke beschrijvingen voor, maar moet voorzichtig worden behandeld. Er bestaat geen algemeen aanvaard archeologisch bewijs dat het huidige dorp precies op de plaats van Inlumbam is gebouwd.

Wat wel duidelijk is, is dat in de bredere Hondón-vallei Romeinse vindplaatsen bestaan. Bij archeologische verkenningen werden onder meer El Rebalso, Casa del Moro, Quincoces en Meseguera met de Romeinse periode in verband gebracht. Deze plaatsen tonen aan dat de vallei deel uitmaakte van het Romeinse landbouw- en verkeersnetwerk.

Romeinse bewoning in het binnenland bestond vaak uit verspreide landbouwbedrijven, werkplaatsen en kleine nederzettingen. Een Romeinse villa was niet uitsluitend een luxe buitenhuis, maar kon het centrum zijn van een landbouwbedrijf waar graan, druiven, olijven en andere producten werden verbouwd en verwerkt.

De ligging van de vallei was daarvoor gunstig. De bodem bood mogelijkheden voor landbouw en natuurlijke doorgangen verbonden het gebied met grotere nederzettingen. Producten konden richting de kust of via regionale routes naar andere delen van het zuidoosten worden vervoerd.

Scherven, bouwmateriaal en resten van muren geven archeologen een beeld van die aanwezigheid, maar vertellen niet altijd de naam van een nederzetting. Daarom is het nauwkeuriger om te spreken van Romeinse bewoning in de omgeving dan om Hondón de los Frailes zonder voorbehoud gelijk te stellen aan Inlumbam.

Middeleeuwen vóór het dorp

Na het einde van het West-Romeinse gezag veranderde de organisatie van het gebied. De bevolking leefde waarschijnlijk verspreid over kleine landbouwplaatsen en nederzettingen. De overgang tussen de late Romeinse tijd en de vroege middeleeuwen is in dit landelijke gebied minder duidelijk zichtbaar dan in grote steden.

Vanaf de achtste eeuw kwam een groot deel van het zuidoosten van het Iberisch Schiereiland onder islamitisch bestuur. Landbouw, veeteelt en lokale routes bleven belangrijk. In verschillende valleien van Alicante werden terrassen, wateropvangplaatsen en systemen voor het verdelen van schaars water aangelegd of verder ontwikkeld.

Het is verleidelijk om iedere oude stenen muur of irrigatievoorziening rechtstreeks aan de islamitische periode toe te schrijven. In werkelijkheid zijn veel structuren door verschillende generaties gebruikt, hersteld en aangepast. Een muur kan op een oude locatie staan, maar in de negentiende of twintigste eeuw opnieuw zijn opgebouwd.

De namen Casa del Moro en Senda del Moro herinneren aan de manier waarop latere inwoners oude of onbegrepen resten met de Moorse tijd verbonden. Het Spaanse woord moro werd traditioneel gebruikt voor islamitische bewoners uit de middeleeuwen, maar plaatsnamen met dit woord vormen op zichzelf geen bewijs voor de precieze ouderdom of functie van een vindplaats.

De middeleeuwse geschiedenis van de omgeving is vooral die van landbouwgrond, beweiding en routes tussen verschillende heerlijkheden en nederzettingen. Het huidige Hondón de los Frailes bestond toen nog niet als zelfstandige dorpskern.

De Hondones onder Redován

Na de christelijke veroveringen van de dertiende eeuw werden gronden, rechten en inkomsten verdeeld over de Kroon, adellijke families, militaire ordes en religieuze instellingen. In het zuiden van de huidige provincie Alicante ontstond een ingewikkeld patroon van heerlijkheden en gemeentelijke gebieden.

De gronden van de Hondón-vallei werden vroeger gezamenlijk aangeduid als de Hondones of El Fondó. De naam verwijst naar een laagte, kom of dieper gelegen gebied tussen bergen. De vallei lag buiten de belangrijkste stedelijke kernen en werd voornamelijk voor landbouw en veeteelt gebruikt.

Volgens de lokale geschiedschrijving werden de Hondones aan het einde van de vijftiende eeuw toegevoegd aan het señorío de Redován. Een señorío was een heerlijkheidsgebied waarin een heer bepaalde bestuurlijke, economische en juridische rechten bezat.

Dit betekende niet dat iedere inwoner persoonlijk eigendom van een heer was. Wel moesten boeren rekening houden met pacht, belastingen, gebruiksrechten en verplichtingen die aan de grond waren verbonden. Grondbezit en bestuur waren veel minder vrij en overzichtelijk geregeld dan tegenwoordig.

De band met Redován zou later bepalend worden voor de naam, de beschermheilige en de kerk van Hondón de los Frailes.

Dominicanen geven dorp zijn naam

Oude straat in de historische dorpskern van Hondón de los FrailesIn het begin van de zeventiende eeuw kwam het heerlijkheidsgebied van Redován, met de daarbij behorende Hondones, in handen van de dominicanen van het College van Predikers in Orihuela. In plaatselijke beschrijvingen wordt deze overgang meestal rond 1614 geplaatst, al kunnen historische documenten verschillende momenten noemen voor aankoop, overdracht en bevestiging van de rechten.

De dominicanen waren leden van de Orde der Predikheren. In het Spaans worden kloosterbroeders vaak frailes genoemd. De nieuwe nederzetting kreeg later daarom de naam Hondón de los Frailes: het Hondón dat aan de monniken was verbonden.

De dominicanen waren niet voortdurend zelf als boeren in de vallei actief. Zij bezaten de grond en ontvingen inkomsten, terwijl pachters en landbouwers het dagelijkse werk verrichtten. De relatie bestond uit religieus gezag, grondbezit en economische verplichtingen.

Voor de landbouwers bood het gebied kansen om nieuwe grond te ontginnen. Voor de religieuze eigenaren betekende bewoning dat braakliggende grond inkomsten kon opleveren. Uit die wederzijdse belangen groeide uiteindelijk een permanente nederzetting.

De dorpsnaam is daardoor geen toevallige verwijzing naar een klooster dat ooit in de straten stond. Zij herinnert aan de feodale eigendomsverhoudingen waarbinnen het dorp ontstond.

Dorpskern groeit rond 1698

Volgens de overgeleverde lokale geschiedenis vroegen rond 1698 landbouwers, van wie velen uit Novelda kwamen, toestemming om zich permanent op de bewerkte gronden te vestigen. Zij wilden huizen bouwen en een herkenbare gemeenschap vormen.

De dominicanen zouden daarmee hebben ingestemd onder de voorwaarde dat de bewoners een kerk bouwden. Die kerk moest worden gewijd aan de Virgen de la Salud, de Maagd van de Gezondheid, die ook in Redován werd vereerd.

Zo ontstond aan het einde van de zeventiende eeuw de basis van Hondón de los Frailes. De eerste bebouwing was bescheiden. Boerenwoningen, opslagplaatsen, stallen en een religieuze ontmoetingsplek vormden samen een kleine nederzetting.

De keuze voor een locatie langs een doorgaande weg was praktisch. Het oude pad verbond de vallei met Hondón de las Nieves, Barbarroja, Redován en het gebied richting Murcia. De huidige Calle Juan Carlos I volgt voor een belangrijk deel deze historische route.

Het dorp groeide langzaam. Er was geen vooraf ontworpen stratenplan met brede lanen en grote pleinen. Woningen verschenen langs de weg en rond de kerk, waarna zij in de loop van generaties werden uitgebreid, vernieuwd of vervangen.

De eerste bewoners leefden vooral van de landbouw. Hun dagen werden bepaald door regen, droogte, oogst, dieren en de afstand tot markten en grotere plaatsen. De kerk gaf het dorp daarnaast een plaats voor dopen, huwelijken, begrafenissen en gemeenschappelijke vieringen.

Kerk vormt hart van Hondón

De huidige parochiekerk is gewijd aan Nuestra Señora de la Salud. Het gebouw staat aan de oude doorgaande route en vormt nog altijd een herkenbaar middelpunt van Hondón de los Frailes.

De huidige kerk heeft haar voornaamste bouwvorm in de negentiende eeuw gekregen en verving of vergrootte een oudere religieuze voorziening. Het gebouw werd later verschillende keren aangepast en hersteld. Daardoor zijn in de architectuur elementen uit verschillende perioden herkenbaar.

De kerk heeft een rechthoekige plattegrond met één hoofdschip en zijkapellen. De buitenzijde is relatief sober. Dat past bij een landbouwgemeenschap die geen middelen had voor een uitbundige kathedraal, maar wel behoefte had aan een duidelijk en duurzaam religieus centrum.

Naast de kerk bevond zich volgens de erfgoedbeschrijving de vroegere woning die met de dominicanen werd verbonden. De nabijheid van kerk, religieuze eigendommen en hoofdweg laat zien hoe sterk de oorsprong van het dorp met de monniken en het grondbezit samenhing.

De parochiekerk is tegenwoordig aangemerkt als Bien de Relevancia Local. Dit betekent dat het gebouw als erfgoed van plaatselijk belang wordt beschermd. Ook verschillende kerkklokken zijn afzonderlijk in het erfgoedoverzicht opgenomen.

De Virgen de la Salud bleef de beschermheilige van het dorp. Haar feest aan het einde van augustus groeide uit tot het belangrijkste jaarlijkse moment voor de gemeenschap.

Kapellen buiten de dorpskerk

Niet alleen de parochiekerk vertelt over het geloofsleven. In de gemeente bevinden zich ook kleinere kapellen die verbonden zijn met landelijke buurtschappen, processies en jaarlijkse vieringen.

De Ermita de San Antón is verbonden met de viering van San Antonio rond 17 januari. Een ermita is een kleine kapel, vaak buiten het centrale kerkgebouw. Tijdens de viering worden traditioneel dieren gezegend.

Bij Casas Galiana staat de kapel van de Virgen del Carmen. Casas Galiana is een verspreid woongebied binnen de gemeente en laat zien dat niet iedere inwoner altijd dicht bij de centrale dorpskerk woonde.

Kapellen waren belangrijk voor mensen die verspreid over het platteland leefden. Zij boden een religieuze ontmoetingsplek zonder dat bewoners voor iedere viering naar het centrum hoefden te reizen.

De gebouwen zijn klein, maar vertellen veel over de organisatie van de vroegere gemeenschap. Religie en landbouw waren niet van elkaar gescheiden: heiligen werden aangeroepen voor gezondheid, regen, bescherming van dieren en een goede oogst.

Landbouw voedt vele generaties

Gedurende de achttiende en negentiende eeuw bleef Hondón de los Frailes sterk afhankelijk van landbouw. De droge omstandigheden maakten niet ieder gewas mogelijk. Bewoners kozen vooral planten die met weinig water en lange warme perioden konden omgaan.

Wijngaarden, amandelbomen en olijfbomen bepaalden een groot deel van het landschap. Ook graan, johannesbrood, fruitbomen en gewassen voor eigen gebruik werden verbouwd. Gezinnen hielden daarnaast kippen, geiten, varkens, konijnen en werkdieren.

De traditionele landbouw was voornamelijk secano, droge landbouw die grotendeels afhankelijk is van natuurlijke regen. De opbrengst verschilde daardoor sterk per jaar. Een lange droogte, late vorst of hagelbui kon een groot deel van het gezinsinkomen vernietigen.

Stenen terrasmuren hielpen grond op hellingen vast te houden. Regenwater stroomde minder snel weg en erosie werd beperkt. De techniek van bouwen zonder mortel wordt piedra seca genoemd, droge steenbouw.

Landbouw was meer dan economisch werk. Oogstperioden bepaalden wanneer families hulp nodig hadden, wanneer tijdelijke arbeiders kwamen en wanneer er geld beschikbaar was. Feesten, huwelijken en aankopen werden regelmatig afgestemd op het landbouwjaar.

De inwoners waren verbonden met markten en handelsplaatsen in de omgeving. Aspe, Novelda, Orihuela, Crevillent en andere gemeenten boden afzetmogelijkheden en toegang tot producten die niet lokaal konden worden gemaakt.

Druiven veranderen de economie

De druiventeelt groeide uit tot een van de herkenbaarste onderdelen van de Hondón-vallei. Er werden druiven verbouwd voor wijn, eigen gebruik en later in toenemende mate als tafeldruif.

De bredere Midden-Vinalopó werd bekend door de verpakte tafeldruif. Bij deze teelt worden druiventrossen tijdens het rijpen afzonderlijk met papieren zakken beschermd. Dit helpt tegen insecten, weersinvloeden en beschadiging en zorgt ervoor dat de druiven later kunnen worden geoogst.

Niet iedere wijngaard in Hondón de los Frailes valt automatisch onder dezelfde beschermde oorsprongsbenaming. Wel vormt de plaats onderdeel van een landbouwregio waarin wijn- en tafeldruiven economisch en cultureel belangrijk zijn.

Vanaf de jaren zestig kreeg geïrrigeerde landbouw meer betekenis. Irrigatie maakte andere teelten en hogere opbrengsten mogelijk, maar vergrootte ook de afhankelijkheid van beschikbare waterbronnen en infrastructuur.

Watertekorten, lage landbouwprijzen en veranderende arbeidsmogelijkheden zorgden er later voor dat een deel van de grond niet meer intensief werd gebruikt. Verlaten terrassen raakten begroeid en traditionele kennis verdween gedeeltelijk.

Toch zijn wijngaarden, amandelen en olijven nog altijd zichtbaar. Zij geven het landschap vorm en verbinden het huidige dorp met generaties landbouwers die voor hun inkomen vrijwel volledig van de vallei afhankelijk waren.

Dominicaanse macht verdwijnt

De negentiende eeuw bracht ingrijpende bestuurlijke en economische veranderingen. De oude heerlijkheidsrechten en kerkelijke bezittingen kwamen onder druk te staan door liberale hervormingen en de Spaanse onteigeningen die bekendstaan als de desamortización.

Bij een desamortización werden eigendommen van kerkelijke instellingen, kloosters en andere organisaties door de staat onteigend en verkocht. Het doel was onder meer om grond op de markt te brengen en inkomsten voor de staat te verkrijgen.

In 1836 verloren de dominicanen hun oude bezittingen en rechten in het heerlijkheidsgebied van Redován. Daarmee eindigde de directe feodale band die Hondón de los Frailes zijn naam had gegeven.

De verandering betekende niet dat de grond automatisch eerlijk onder alle inwoners werd verdeeld. Veel bezittingen kwamen via verkoop in handen van mensen die over voldoende geld beschikten. Voor pachters en kleine boeren konden oude afhankelijkheden daardoor plaatsmaken voor nieuwe.

Bestuurlijk bleef Hondón de los Frailes na het verdwijnen van de dominicaanse heerschappij nog niet direct zelfstandig. Het dorp was eerst verbonden met Redován en werd vervolgens onderdeel van een nieuwe gemeentelijke structuur in de Hondón-vallei.

Aansluiting bij Hondón de las Nieves

In 1840 werd Hondón de los Frailes losgemaakt van Redován en toegevoegd aan de gemeente Hondón de las Nieves. Beide plaatsen vormden daarna één gemeente, ondanks hun verschillende ontstaansgeschiedenis.

Hondón de las Nieves had zich kort daarvoor als zelfstandige gemeente ontwikkeld. Het gezamenlijke gemeentelijke gebied omvatte een groot deel van de vallei en verschillende verspreide woonkernen.

De samenwerking lag geografisch voor de hand. De twee dorpen liggen dicht bij elkaar, delen landbouwgrond, routes, families en economische belangen. Toch bestonden er ook verschillen in voorzieningen, bestuur en plaatselijke identiteit.

Voor inwoners van Hondón de los Frailes betekende de aansluiting dat gemeentelijke beslissingen vanuit Hondón de las Nieves werden genomen. Belastingen, infrastructuur, onderwijs en andere lokale onderwerpen moesten binnen één gezamenlijk bestuur worden verdeeld.

In de loop van de negentiende en het begin van de twintigste eeuw groeide in Hondón de los Frailes de wens om als afzonderlijke gemeente te worden erkend. De afstand was niet groot, maar de gemeenschap had inmiddels een eigen kerk, dorpskern en sociale identiteit.

Eigen gemeente vanaf 1926

In 1926 werd Hondón de los Frailes definitief afgescheiden van Hondón de las Nieves. Het dorp kreeg een eigen gemeentebestuur en een zelfstandig gemeentelijk grondgebied.

De zelfstandigheid was meer dan een administratieve verandering. De inwoners konden voortaan hun eigen begroting, voorzieningen, wegen en lokale belangen rechtstreeks laten beheren. Voor een kleine plattelandsgemeenschap gaf dat een sterker gevoel van erkenning.

De nieuwe gemeente had een oppervlakte van ongeveer 12,6 vierkante kilometer. Zij grensde aan Hondón de las Nieves, Albatera en het uitgestrekte gemeentelijke grondgebied van Orihuela.

De eerste jaren van zelfstandigheid waren niet eenvoudig. De gemeente beschikte over beperkte inkomsten en moest voorzieningen organiseren voor een verspreid wonende bevolking. Wegen, water, onderwijs en gezondheidszorg waren veel eenvoudiger dan tegenwoordig.

Toch bleef 1926 een belangrijk ijkpunt. Het jaartal verklaart waarom historische bevolkingscijfers van vóór die tijd Hondón de los Frailes vaak samen met Hondón de las Nieves weergeven.

Wegen brengen dorp dichterbij

Tot het begin van de twintigste eeuw liep de belangrijkste verbinding door de huidige dorpskern. De oude route vanuit Hondón de las Nieves ging langs de kerk en verder richting Barbarroja en Murcia.

De huidige Calle Juan Carlos I volgt deze historische verkeersas. Langs de route verschenen huizen, winkels en voorzieningen. Daardoor kreeg Hondón de los Frailes zijn langgerekte dorpsstructuur.

In de eerste decennia van de twintigste eeuw werden nieuwe wegen aangelegd en verbeterd. De nieuwe verkeersroute kwam gedeeltelijk achter de kerk te liggen en maakte doorgaand vervoer eenvoudiger.

Betere wegen verminderden het isolement. Landbouwproducten konden sneller naar markten worden gebracht en inwoners konden gemakkelijker naar Aspe, Crevillent, Elche en andere werkplaatsen reizen.

De komst van motorvoertuigen veranderde het dagelijkse leven langzaam. Afstanden die vroeger uren lopen of een rit met een muilezel kostten, werden beter overbrugbaar. Tegelijk bleef particulier autobezit voor veel gezinnen nog lange tijd onbetaalbaar.

Oorlog verandert dorpsleven

Historische dorpsstraat in Hondón de los Frailes in de twintigste eeuwTijdens de Spaanse Burgeroorlog van 1936 tot 1939 kreeg Hondón de los Frailes tijdelijk de naam Hondón Libre. Religieuze verwijzingen werden in verschillende republikeinse gemeenten uit officiële plaatsnamen verwijderd of vervangen.

De oorlog bereikte het dorp niet als een groot front met langdurige gevechten, maar had wel ingrijpende sociale en politieke gevolgen. De gemeenschap raakte verdeeld en inwoners werden geconfronteerd met schaarste, onzekerheid en mobilisatie.

Volgens historische dossiers werden tijdens het conflict religieuze beelden en onderdelen van de parochiekerk beschadigd of vernietigd. Zulke gebeurtenissen vonden in veel Spaanse gemeenten plaats en maakten deel uit van het felle antiklerikale geweld in delen van het republikeinse gebied.

Na de overwinning van Franco keerde de oorspronkelijke dorpsnaam terug. De repressie stopte daarmee echter niet. Verschillende inwoners werden na de oorlog onderzocht, gevangengezet of voor militaire rechtbanken gebracht vanwege hun vermeende politieke activiteiten tijdens het conflict.

De geschiedenis van die periode vraagt om zorgvuldigheid. Beschuldigingen uit naoorlogse dossiers waren niet altijd onafhankelijk onderzocht en veel processen voldeden niet aan moderne rechtsstatelijke normen. Tegelijk waren de schade aan religieus erfgoed en de politieke tegenstellingen in de gemeenschap reëel.

De Burgeroorlog liet daardoor niet alleen materiële schade achter, maar ook langdurige stilte. Binnen families werd decennialang nauwelijks gesproken over politieke keuzes, vervolging, verlies en angst.

Armoede en vertrek na oorlog

De jaren na de Burgeroorlog waren moeilijk. Spanje was economisch geïsoleerd, voedsel en gebruiksgoederen waren schaars en landbouw leverde niet altijd voldoende inkomen op.

Veel huishoudens combineerden verschillende activiteiten. Mensen werkten op het land, hielden dieren, verrichtten seizoensarbeid of namen tijdelijk werk aan in omliggende plaatsen. Zelfvoorziening bleef belangrijk.

Vanaf het midden van de twintigste eeuw vertrokken veel jongeren uit landelijke dorpen naar steden en industriegebieden. Elche bood werk in de schoenenindustrie, terwijl Crevillent bekendstond om tapijtproductie. Ook Alicante, Murcia, Barcelona en buitenlandse bestemmingen trokken arbeidskrachten.

Het vertrek leidde tot vergrijzing en leegstaande woningen. Landbouwpercelen werden minder intensief bewerkt en sommige landelijke gebouwen raakten in verval.

Emigranten verloren hun band met het dorp niet altijd. Veel families keerden tijdens de zomerfeesten terug, hielden een huis aan of investeerden later spaargeld in een verbouwing. Zo bleef Hondón de los Frailes ook voor mensen die elders woonden een emotioneel thuis.

Modern comfort bereikt de vallei

Elektriciteit, leidingwater, riolering, telefonie en verharde wegen veranderden het dagelijkse leven gedurende de twintigste eeuw. De ontwikkeling verliep geleidelijk en niet ieder buitengebied werd tegelijk aangesloten.

Voor de komst van leidingwater waren bronnen, putten, reservoirs en watertransport essentieel. Droogte vormde een voortdurende bedreiging voor landbouw en huishoudens.

Elektrische apparaten namen veel zwaar werk over. Wasmachines, koelkasten en elektrische pompen veranderden huishoudens en maakten het mogelijk voedsel langer te bewaren en water gemakkelijker te verplaatsen.

Betere gezondheidszorg en vervoer maakten eveneens een groot verschil. Een arts, ziekenhuis of apotheek was vroeger veel moeilijker bereikbaar dan tegenwoordig. Voor spoedeisende hulp waren families afhankelijk van buren, karren of het beperkte vervoer dat beschikbaar was.

De modernisering bracht Hondón de los Frailes dichter bij de omliggende steden, maar veranderde het dorp niet in een stedelijke plaats. De kleine schaal en landbouwomgeving bleven herkenbaar.

Bouw en diensten nemen toe

Vanaf de tweede helft van de twintigste eeuw nam het relatieve belang van de landbouw af. Werk in de bouw, industrie en dienstverlening werd voor steeds meer inwoners een alternatief.

De groei van Elche, Alicante en de Costa Blanca zorgde voor vraag naar bouwvakkers, onderhoudspersoneel, handel en andere diensten. Inwoners konden buiten het dorp werken en toch in de vallei blijven wonen.

Ook bedrijven in de schoenen-, kunststof- en bouwsector in de bredere regio boden werkgelegenheid. De economie van Hondón de los Frailes werd daardoor minder volledig afhankelijk van de oogst.

De bouwsector kreeg later extra betekenis door de komst van buitenlandse woningkopers. Nieuwe woningen, verbouwingen, zwembaden, tuinen en onderhoud leverden werk op voor lokale en regionale bedrijven.

Deze ontwikkeling had ook gevolgen voor het landschap. Landbouwgrond werd soms omgezet in woonpercelen en verspreide bebouwing nam toe. Niet iedere woning werd volgens de juiste stedenbouwkundige regels gebouwd, waardoor de gemeente later met ingewikkelde juridische situaties te maken kreeg.

Nieuwe Europeanen vestigen zich

Vanaf het einde van de twintigste eeuw ontdekten steeds meer buitenlandse bewoners Hondón de los Frailes. Vooral Britten kochten woningen in het dorp, in woongebieden en op landelijke percelen. Later volgden onder anderen Nederlanders, Belgen, Duitsers en bewoners uit andere Europese landen.

De aantrekkingskracht was duidelijk: relatief betaalbare woningen, veel zon, ruimte, uitzicht en een internationale luchthaven op rijafstand. Tegelijk lag het dorp verder van het massatoerisme dan de bekende kustplaatsen.

Oude woningen werden opgeknapt en nieuwe huizen gebouwd. Lokale winkels, horecazaken, makelaars, bouwbedrijven en onderhoudsdiensten kregen nieuwe klanten. De komst van buitenlandse bewoners hielp het bevolkingsaantal na eerdere perioden van vertrek opnieuw te laten groeien.

In 2025 telde Hondón de los Frailes 1.334 inwoners. Meer dan de helft van de ingeschreven bevolking had een buitenlandse nationaliteit. Daarmee is de internationale aanwezigheid geen klein randverschijnsel, maar een belangrijk onderdeel van het moderne dorp.

Die ontwikkeling heeft Hondón de los Frailes veranderd zonder het volledig van karakter te laten wisselen. Spaans blijft de belangrijkste taal en de kerk, feesten, landbouw en oude families blijven het plaatselijke leven bepalen.

Nieuwe bewoners schrijven daarmee een nieuw hoofdstuk in dezelfde geschiedenis van migratie en aanpassing. Waar inwoners vroeger vertrokken om elders werk te zoeken, komen nu mensen van buiten naar de vallei om er een ander leven op te bouwen.

Feesten bewaren oude verbondenheid

De jaarlijkse feesten laten zien hoe religie, familie en dorpsidentiteit nog altijd met elkaar verbonden zijn. De belangrijkste patroonfeesten worden gehouden ter ere van de Virgen de la Salud tijdens het weekend van de laatste zondag van augustus.

Processies, een offergave, muziek, vuurwerk en de optocht met praalwagens brengen inwoners en bezoekers naar het centrum. Families die buiten het dorp wonen, keren voor deze dagen regelmatig terug.

Ook San Antonio wordt rond 17 januari gevierd. Tijdens de romería, een religieuze tocht, gaan bewoners met dieren naar de kerk voor de traditionele zegening.

Rond San Isidro, de beschermheilige van landbouwers, worden het landschap en de landbouwgeschiedenis van het dorp opnieuw zichtbaar. De viering herinnert eraan dat bijna iedere familie vroeger direct met het land verbonden was.

Tijdens de Semana Santa, de Goede Week voor Pasen, speelt de ontmoeting op Paaszondag tussen de rouwende Maria en de verrezen Christus een belangrijke rol.

Feesten veranderen voortdurend. Muziekstijlen, activiteiten en deelnemers zijn anders dan honderd jaar geleden. Toch blijft hun belangrijkste functie herkenbaar: de gemeenschap samenbrengen en de band met de geschiedenis bevestigen.

Erfgoed zichtbaar in details

Hondón de los Frailes heeft geen groot historisch museum of uitgebreid monumentaal centrum. Het erfgoed is verspreid over het dorp en de landelijke omgeving.

De parochiekerk van Nuestra Señora de la Salud is het belangrijkste beschermde gebouw. De kerk, de klokken en het oude stratenpatroon vertellen samen het verhaal van het ontstaan rond de religieuze nederzetting.

Ook het voormalige gemeentehuis, de kapellen van San Antón en de Virgen del Carmen en de oude landelijke gebouwen zijn onderdelen van het lokale erfgoed.

Casa del Moro en Senda del Moro herinneren aan de archeologische geschiedenis. Zij tonen dat het grondgebied al voor het ontstaan van het moderne dorp werd gebruikt.

Stenen terrasmuren, veedriften, waterstructuren en oude landwegen behoren tot het minder opvallende erfgoed. Zij werden niet gebouwd om mooi te zijn, maar om landbouw en vervoer mogelijk te maken.

De PR-CV 255, de wandelroute van Jaime el Barbudo, loopt door een deel van dit landschap. De route voert langs oude paden, landelijke architectuur en berghellingen en maakt zichtbaar hoe bewoners de omgeving vroeger gebruikten.

Meer over deze plekken en wandelmogelijkheden staat op de pagina met uitstapjes in Hondón de los Frailes.

Geschiedenis leeft in het landschap

Wie de geschiedenis van Hondón de los Frailes wil begrijpen, moet niet alleen naar jaartallen en gebouwen kijken. Het landschap vormt het grootste historische document van de gemeente.

De vallei verklaart waarom mensen hier landbouw bedreven. De bergpassen laten zien hoe routes naar Murcia, Orihuela en de Vinalopó liepen. De droge stenen muren vertellen over de strijd tegen erosie en waterschaarste.

De wijngaarden laten de overgang zien van zelfvoorzienende landbouw naar commerciële productie. Verlaten terrassen herinneren aan vertrek en economische verandering. Nieuwe villa’s laten zien hoe internationale migratie het dorp opnieuw vormgaf.

Zelfs de huidige hoofdstraat vertelt geschiedenis. Zij volgt de oude verbinding door de nederzetting en laat zien hoe huizen en voorzieningen zich rond vervoer en kerk ontwikkelden.

Meer achtergrond over bergen, landbouw, flora en wandelroutes is te vinden bij de natuur rond Hondón de los Frailes.

Dorp blijft zichzelf opnieuw uitvinden

De geschiedenis van Hondón de los Frailes is geen rechte lijn van een oude nederzetting naar een modern dorp. Het is een verhaal van voortdurend aanpassen. Romeinse landbouwers, middeleeuwse bewoners, dominicanen, boeren uit Novelda, landarbeiders, emigranten en Europese nieuwkomers gebruikten de vallei ieder op hun eigen manier.

De stichting van de dorpskern rond 1698 gaf de plaats een naam en een herkenbaar centrum. De negentiende eeuw maakte een einde aan de dominicaanse macht. De aansluiting bij Hondón de las Nieves en de zelfstandigheid van 1926 bepaalden vervolgens de gemeentelijke identiteit.

De Burgeroorlog en de moeilijke jaren daarna brachten verdeeldheid en vertrek. Moderne voorzieningen en werk buiten de landbouw veranderden het leven. De komst van buitenlandse bewoners zorgde later opnieuw voor groei.

Toch bleven enkele elementen constant. De vallei, landbouw, kerk, feesten en sterke familiebanden vormen nog altijd de basis van het dorp. Hondón de los Frailes veranderde, maar verloor niet volledig het gevoel van een kleine gemeenschap.

Wie de omgeving verder wil ontdekken, kan deze geschiedenis goed verbinden met die van Hondón de las Nieves. Beide dorpen deelden tussen 1840 en 1926 één gemeentebestuur en blijven door landschap, families en landbouw met elkaar verbonden.

Ook La Romana, Algueña en Aspe laten andere kanten van de Midden-Vinalopó zien. Samen vertellen deze plaatsen een breder verhaal over heerlijkheden, druiventeelt, water, migratie en de overgang van landbouw naar een gemengde moderne economie.

Een levend historisch dorp

Hondón de los Frailes is geen openluchtmuseum. De kerk wordt nog gebruikt, landbouwers werken nog tussen de wijngaarden en bewoners ontmoeten elkaar nog in dezelfde straten die uit de oude doorgaande route zijn ontstaan.

Dat maakt de geschiedenis tastbaar. Zij zit niet alleen in beschermde gebouwen, maar ook in dorpsgewoonten, familienamen, gerechten, feesten en verhalen die van oudere op jongere inwoners worden doorgegeven.

Voor bezoekers is het verleidelijk om vooral naar grote monumenten te zoeken. Hondón de los Frailes vraagt om een andere manier van kijken. Een oude muur, een kapel, een verlaten terras of een wijngaard kan hier meer over het verleden vertellen dan een opvallend museumgebouw.

Voor mensen die willen emigreren naar Spanje geeft de geschiedenis bovendien inzicht in het huidige karakter. De internationale gemeenschap is relatief nieuw, maar het dorp heeft altijd te maken gehad met veranderingen in bevolking, bezit en economie.

Wie zich hier vestigt, wordt onderdeel van een verhaal dat al veel langer bestaat. Respect voor taal, tradities en plaatselijke gebruiken helpt om niet alleen in Hondón de los Frailes te wonen, maar het dorp werkelijk te leren begrijpen.

Dit artikel is voor het laatst bijgewerkt op 29 juli 2026.