Huizen Costa Blanca opnieuw flink duurder

Wie vanuit Nederland of België naar een woning aan de Costa Blanca kijkt, merkt het waarschijnlijk al langer tijdens het bladeren door het aanbod: voor dezelfde euro krijg je aan de kust steeds minder vierkante meters. Nieuwe cijfers die donderdagochtend 20 augustus zijn gepubliceerd maken duidelijk hoe stevig de woningmarkt inmiddels is opgelopen. Volgens het rapport Vivienda en Costa 2026 van Tinsa by Accumin staat Jávea bovenaan van de onderzochte kustgemeenten in de provincie Alicante, met een gemiddelde woningwaarde van 3.455 euro per vierkante meter. Teulada volgt met 3.292 euro en Dénia met 2.837 euro. Opvallend is niet alleen het prijsniveau, maar vooral de snelheid waarmee vrijwel de hele Costa Blanca duurder is geworden. Gemiddeld liggen de waarden in de kustgemeenten van Alicante 18,9 procent hoger dan een jaar geleden.

Jávea voert de ranglijst aan

Jávea is volgens de nieuwe cijfers niet alleen de duurste onderzochte kustgemeente, maar ook een van de plaatsen waar een woning voor lokale huishoudens het moeilijkst bereikbaar is geworden. De gemiddelde waarde komt uit op 3.455 euro per vierkante meter, 22,8 procent meer dan een jaar eerder. Tinsa berekent daarnaast dat een gemiddeld huishouden er theoretisch 69 procent van het beschikbare inkomen zou moeten besteden om een woning te kunnen kopen. In Teulada ligt die verhouding op 64 procent. Dergelijke percentages zeggen niet precies wat iedere individuele koper kan betalen, maar laten wel zien hoe groot het verschil inmiddels is tussen inkomens en woningwaarden. Juist Jávea en de omgeving van Moraira en Teulada zijn bovendien bijzonder populair bij buitenlandse kopers die een tweede woning of permanente verblijfplaats aan de noordelijke Costa Blanca zoeken.

Altea en Albir worden duurder

Ook dichter bij Albir gaat het hard. In Altea komt de gemiddelde woningwaarde volgens Tinsa uit op 2.723 euro per vierkante meter, een stijging van 17,5 procent in een jaar. In l'Alfàs del Pi, waar Albir onder valt, bedraagt de gemiddelde waarde 2.561 euro per vierkante meter. Daar is de stijging zelfs 25,4 procent. Daarmee behoort l'Alfàs tot de snelste stijgers van alle onderzochte kustgemeenten in Alicante. Voor Nederlanders en Belgen is dat extra interessant, omdat Albir en omgeving al jarenlang een van de belangrijkste Nederlandstalige woongebieden aan de Costa Blanca vormen. Benidorm zit met 2.786 euro per vierkante meter iets boven Altea en l'Alfàs, terwijl daar een jaarlijkse stijging van 20,5 procent wordt gemeten. Calpe komt vrijwel op hetzelfde niveau uit met 2.830 euro per vierkante meter.

Zuiden kent opvallendste prijsstijging

De grootste procentuele stijging vinden we opvallend genoeg niet in Jávea, Altea of Benidorm, maar helemaal in het zuiden van de provincie. Pilar de la Horadada is volgens de vergelijking in een jaar tijd 31,2 procent duurder geworden en komt nu uit op gemiddeld 2.187 euro per vierkante meter. Dat is nog duidelijk goedkoper dan de duurste plaatsen in het noorden, maar het tempo van de stijging springt eruit. Ook Santa Pola werd met 24,9 procent fors duurder. In Orihuela bedraagt de stijging 16,4 procent en komt de gemiddelde waarde uit op 2.002 euro per vierkante meter. Die gemeentelijke waarde omvat zowel Orihuela-stad als het veel duurdere kustgebied. Wie specifiek rond Villamartin, La Zenia, Playa Flamenca of Cabo Roig zoekt, zal daarom in de praktijk vaak aanzienlijk hogere vraagprijzen tegenkomen dan het gemiddelde van de complete gemeente.

Torrevieja blijft verkoopkampioen

Waar de hoogste vierkantemeterprijzen vooral in het noorden liggen, wordt het grootste aantal woningen nog altijd in het zuiden verkocht. Torrevieja was in 2025 volgens de cijfers met 6.913 woningverkopen de duidelijke nummer één van de onderzochte kustgemeenten in Alicante. Orihuela volgde met 4.992 verkopen. Daarna is het verschil groot: Benidorm kwam op 2.174 transacties, Dénia op 1.967 en Santa Pola op 1.927. Dat Torrevieja en Orihuela zo hoog staan zal weinig verbazen voor wie regelmatig door nieuwe woonwijken rond de zuidelijke Costa Blanca rijdt. In Torrevieja, Orihuela Costa, Villamartin en omliggende plaatsen is een enorme internationale woningmarkt ontstaan. Toch nam het aantal verkopen in Torrevieja met 4,8 procent af ten opzichte van een jaar eerder en in Orihuela zelfs met 7,5 procent, terwijl de woningwaarden ondertussen wel verder stegen.

Buitenlandse kopers blijven belangrijk

De internationale belangstelling speelt een grote rol in het kustgebied. Volgens Tinsa bestaat bij vakantiewoningen, afhankelijk van het onderzochte deel van de Costa Blanca, ongeveer 40 tot 75 procent van de vraag uit buitenlandse kopers. Daarbij gaat het onder meer om mensen uit Midden-Europa, het Verenigd Koninkrijk, Polen en andere Europese landen. In Alicante zijn binnen de groep buitenlandse kopers bovendien relatief veel mensen die niet permanent in Spanje wonen. Dat maakt de cijfers extra actueel na de politieke discussie die deze week ontstond over de aankoop van woningen door niet-inwoners. Voor Nederlanders en Belgen is het belangrijk beide verhalen uit elkaar te houden: de nieuwe Tinsa-cijfers beschrijven wat er daadwerkelijk op de woningmarkt gebeurt, terwijl voorstellen om woningkoop door niet-inwoners te beperken voorlopig politieke voorstellen zijn en geen nieuwe geldende koopregels.

Kust gemiddeld boven 2.200 euro

Over de hele onderzochte kuststrook van Alicante komt de gemiddelde woningwaarde inmiddels uit op 2.201 euro per vierkante meter. Dat is 18,9 procent meer dan een jaar eerder. Voor de volledige provincie, dus inclusief de goedkopere gemeenten verder van zee, bedraagt het gemiddelde volgens hetzelfde onderzoek 1.902 euro per vierkante meter. Daar was de stijging zelfs 19,8 procent. De cijfers laten daarmee opnieuw zien hoe misleidend één gemiddeld bedrag voor Alicante kan zijn. Een woning zoeken in Jávea, Altea of Benidorm is financieel een heel andere oefening dan kijken in plaatsen twintig of dertig kilometer landinwaarts. Zelfs tussen kustplaatsen bestaan flinke verschillen. Torrevieja staat bijvoorbeeld op 1.861 euro per vierkante meter en Guardamar del Segura op 1.888 euro, terwijl Jávea bijna twee keer zo hoog uitkomt.

Vakantiewoning ligt vaak nog hoger

Wie specifiek naar een vakantiewoning dicht bij zee zoekt, kan bovendien niet zomaar van de algemene gemeentelijke gemiddelden uitgaan. Tinsa berekent voor typische vakantiewoningen hogere waarden. In het gebied tussen Dénia en Benissa ligt dat gemiddelde rond 3.200 euro per vierkante meter. Voor de kuststrook tussen Calpe en Villajoyosa gaat het om ongeveer 3.700 euro. Ook tussen El Campello en Santa Pola en tussen Guardamar del Segura en Pilar de la Horadada ligt het gemiddelde voor dit segment rond 3.500 euro per vierkante meter. Dat verschil ontstaat doordat tweede woningen vaak liggen in aantrekkelijke kustzones met uitzicht, zwembad, terras of korte afstand tot het strand. Voor buitenlandse kopers zijn juist dergelijke woningen populair. Een algemeen gemiddelde van een gemeente kan daardoor behoorlijk afwijken van wat iemand daadwerkelijk tegenkomt bij een zoektocht naar een appartement of villa voor vakanties en overwinteren.

Nieuwbouw neemt ondertussen toe

De hoge prijzen betekenen niet dat er niets meer wordt gebouwd. In de kustgemeenten van Alicante werden in 2025 vergunningen geregistreerd voor 4.399 nieuwe woningen, 18,8 procent meer dan een jaar eerder. In de volledige provincie ging het om 10.468 vergunningen, een stijging van maar liefst 41,1 procent. Benidorm valt daarbij op met 685 nieuwe vergunningen, terwijl Villajoyosa op 351 en El Campello op 255 uitkomt. Meer nieuwbouw kan op langere termijn helpen om het woningaanbod te vergroten, maar nieuwe projecten worden tegenwoordig eveneens geconfronteerd met hogere bouwkosten, schaarse grond en personeelstekorten. Bovendien bevindt veel nieuwe kustbouw zich niet automatisch in het betaalbare segment. Wie vanuit Nederland of België een nieuwbouwappartement aan zee zoekt, merkt daarom dat ook daar prijzen van enkele jaren geleden steeds moeilijker terug te vinden zijn.

Meer over wonen in Alicante

De nieuwe cijfers sluiten aan op verschillende ontwikkelingen die Mijn Alicante de afgelopen weken al volgde. Zo bleek onlangs dat buitenlanders bijna de helft van de woningen in Alicante kopen, waardoor de provincie een uitzonderlijk internationale woningmarkt heeft. Meer achtergrond over de recente prijsontwikkeling staat in Woningmarkt Alicante stijgt rustiger door. Deze week ontstond daarnaast een politieke discussie nadat Compromís vroeg om maatregelen tegen woningkoop door mensen die niet in Alicante wonen. Daarbij is belangrijk dat er nog geen nieuw verbod geldt. Het volledige verhaal staat in Compromís wil woningkoop niet-inwoners Alicante verbieden.

Bronnen: Alicante Plaza en Tinsa by Accumin.